Bericht

Eerlijk, inclusief en democratisch bestuurd – en hoe dan wél?

Geplaatst op 10 december 2020, 10:15 uur

Sanneke Kloppenburg heeft mij uitgenodigd om meer te vertellen over mijn activiteiten in relatie tot de Club van Wageningen.


Q: Wie ben je & wat doe je? 
Mijn naam is Elke den Ouden en ik ben TU/e Fellow bij de Technische Universiteit Eindhoven in de vakgroep Innovation, Technology Entrepreneurship & Marketing. In mijn onderzoek kijk ik naar innovatie ecosystemen en hoe nieuwe business ontwikkeld kan worden in publiek private waardenetwerken. De focus ligt daarbij op ‘smart city’ en ‘smart lighting’ technologie. We zien deze technologie niet als doel, maar als middel om betekenisvolle applicaties te ontwikkelen die waarde opleveren voor de eindgebruiker, de partijen die erbij betrokken zijn, maar zeker ook voor de maatschappij als geheel. We maken visies en roadmaps voor de langere termijn, maar werken ook heel praktisch met bewoners en eindgebruikers samen in het innovatie traject.
Daarnaast ben ik inwoner van Herpt – een dorp met ca. 750 inwoners – en ben daar lid van de dorpsraad in de werkgroep duurzaamheid – waar we als doel hebben ons dorp klimaatbestendig en duurzaam te maken met behoud of liefst zelfs versterking van de landschappelijke kwaliteit.


Q: Waarom ben je verbonden aan de Club van Wageningen? 
Bij het werken aan visies voor Europese steden voor de energietransitie zien we dat het niet vanzelf goed zal gaan. Dreigingen als energie-armoede en grote verschillen in toegankelijkheid van energie maken dat ik me in wil zetten om te zorgen dat we een systeem krijgen dat eerlijk is, en waar maatschappelijke waarden voorop komen te staan. Dit is ook de reden dat ik actief ben geworden in ons dorp – juist ook om uit te zoeken hoe het dan wél kan. De Club van Wageningen is voor mij een heel inspirerende groep – omdat er vanuit alle perspectieven aan hetzelfde doel wordt gewerkt. De kennis die zo beschikbaar komt is uniek – en hard nodig!


Q: In welke activiteiten die je onderneemt komt de missie van de Club van Wageningen in beeld? 
In mijn werk zijn we bezig met diverse projecten die raken aan de principes van de Club van Wageningen – bijvoorbeeld bij het project EnergyMatch in Helmond, waar we proberen de principes te vertalen in een praktische oplossing voor inwoners van een wijk om zo veel mogelijk lokaal opgewekte energie direct lokaal te gebruiken door energie te delen en mensen te motiveren de energie te gebruiken als die lokaal beschikbaar is.
Daarnaast zijn we in ons eigen dorp een dorpscoöperatie op aan het zetten waarin we op korte termijn gezamenlijk willen investeren in zon op grote daken (zoals stallen), en op langere termijn mogelijk ook in aquathermie en een warmtenet. Daarbij willen we zorgen dat iedereen mee kan doen. De aanbiedingen die onze boeren nu krijgen zijn vaak commercieel ingestoken, en ze willen juist graag zorgen dat we er als dorp ook de lusten delen. Dus we pakken het zelf op in het dorp – maar willen het dan natuurlijk ook eerlijk, inclusief en betaalbaar houden.


Q: Waar zie jij het vastlopen op dit moment? Waar moeten we echt mee aan de slag? 
De belangrijkste uitdaging die ik zie ligt in het ‘en hoe dan?’ vraagstuk. Het is enorm complex – er zijn vele spelers actief en de belangen zijn vaak tegengesteld. Het is een enorme puzzel om dat allemaal uitgelijnd te krijgen en te zorgen dat er echt draagvlak is – onder de bewoners, maar ook in de gemeente, Regionale Energie Strategieën en de Provincie. Bij alle grotere initiatieven kom je zoveel partijen tegen die ergens iets mee willen of van vinden. Veel technologie is wel beschikbaar of zal binnen afzienbare tijd beschikbaar komen – het is nog niet altijd op grote schaal toegepast in Nederland – maar daar ligt de grootste uitdaging niet. Die ligt volgens mij vooral in het inzicht krijgen in alle belangen en zoeken naar nieuwe ‘verdienmodellen’, waarbij juist ook naar andere waarden dan economische waarde wordt gekeken. In het dorp hechten we bijvoorbeeld heel erg aan de natuur, biodiversiteit en het landschap – hoe kun je zorgen dat dat goed meegewogen wordt? Hoe kunnen we oplossingen die economisch minder interessant zijn, maar beter voor het landschap, toch interessant maken? Ik zie dat we mensen die niet zo geïnteresseerd zijn in de energietransitie via bijvoorbeeld gedeelde liefde voor het landschap wel kunnen betrekken. Maar veel projecten werken nu zo niet – die integrale blik is echt nodig.


Q: Zie je voorbeelden waar men probeert deze waarden te borgen, al dan niet succesvol? 
We hebben inmiddels ook via het netwerk van de Club van Wageningen een aantal coöperaties gesproken die dit bredere perspectief omarmen. Daar proberen we van te leren.


Q: Welke nieuwe ontwikkelingen zou je graag willen delen? 
Het maken van een gezamenlijke visie, met de betrokkenen heeft ons enorm geholpen. Het dwingt je om te luisteren naar hoe anderen de gewenste toekomst zien. Vaak zijn we het over die ‘dromen’ wel eens. Dat verbindt enorm. De uitdaging is dan vooral een goede weg ernaar toe te vinden, met oplossingen die passen bij de gewenste toekomst. Als je samen die visie expliciet hebt gemaakt, kun je daar ook steeds naar terug – dat helpt enorm als er even onenigheid is over welke oplossingen wel of niet gewenst zijn.


Q: Aan wie geef jij het stokje door? Wie is de volgende persoon aan we deze vragen moeten stellen volgens jou?
Ik geef het stokje graag door aan Ype Kingma. Hij was bestuurder van een energiecoöperatie. Ik ben heel benieuwd naar zijn ervaringen met het in de praktijk brengen van de ideeën van de Club van Wageningen.